Een collega-adviseur vroeg ons wat andere organisaties hebben geleerd over samen zorgen met naasten: wat werkt, en wat laat je beter? Het eerste punt op die lijst gaat over het waarom.
Wie naasten vraagt om mee te doen in de zorg, kan de vraag terugkrijgen: doen jullie dit omdat er te weinig personeel is? Vaak is dat ook een van de redenen, en dat mag je zeggen. Weet dan wel wat samen zorgen aan dat tekort doet.
Hoe andere organisaties het uitleggen
Bethanië is er stellig over: “We vragen geen hulp van naasten omdat we een tekort aan personeel zouden hebben. Dat speelt hier niet.” Bij Sint Anna was het toekomstige tekort juist de directe aanleiding, al was volgens Waardigheid en trots de wens om de focus te verleggen van zorg naar welzijn belangrijker.
Accolade maakt er geen geheim van. Daar helpen naasten mee op basiszorgdagen, dagen met gaten in het rooster. Wat een bewoner op zo’n dag krijgt, bespreekt Accolade vooraf met de bewoner en de familie.
Bethanië en Accolade vertellen naasten waarom ze om hun bijdrage vragen. Zo hoeven naasten niet te raden of ze een gat in het rooster vullen of meedoen aan het leven van hun moeder.
Wat het tekort ermee wint
Het Nivel rekende voor de thuiszorg uit wat er gebeurt als mantelzorgers het beroep op de thuiszorg met tien procent verlagen. Het verwachte tekort in 2034 daalt dan van 12,2 naar 11,6 procent. Mantelzorg lijkt daarin volgens de onderzoekers “een beperkte rol” te spelen. In het verpleeghuis ervaart 43 procent van de medewerkers in een enquête van Investico minder werkdruk door de hulp van mantelzorgers. De andere 57 procent merkt dat niet.
Samen zorgen lost het tekort dus niet op. Wie dat aan medewerkers of naasten belooft, doet een belofte die niet uitkomt. Onderzoekers in het Tijdschrift voor Gerontologie en Geriatrie stellen een scherpe vraag over de woorden die we daarbij kiezen. Praat je over het inzetten van familie en vrijwilligers, of over samenwerken? Gaat het om aansluiten bij wat de bewoner wil, “of om het verminderen van de werkdruk van zorgmedewerkers”?
Naasten willen vaker dan je denkt
Bij Pieter van Foreest dachten medewerkers dat familie het te druk had en al overbelast was. Naasten bleken wel een grotere rol te willen spelen, “maar wisten niet goed hoe en of dat wel mocht”. Op de familieavonden van Zorgcentrum Anker kwam hetzelfde boven: familie wilde helpen, maar wist niet wat ze kon doen en durfde het ook niet te vragen.
De rem zit dus vaak ook bij de professional: in wat medewerkers denken dat naasten willen en in wat ze denken dat mag. Dat zijn overtuigingen, en die verander je zelden met alleen een training. Hoe je zo’n rem vindt, lees je in Waar zit de rem?
Wat dat vraagt
Begin met het waarom, ook als het tekort een van de redenen is. Vraag daarna concreet. Pieter van Foreest zette alle werkzaamheden op een rij, van specialistisch werk tot wat iedereen zonder instructie kan, en wil naasten bij een dagstart zelf laten kiezen wat ze doen. Leg ook vast wat mag. In de enquête van Investico zei maar 21 procent van de verpleeghuismedewerkers dat hun organisatie dat had gedaan.
Acht dingen die bij andere organisaties werkten, elk met een vraag om je eigen organisatie langs te leggen, en acht die je beter laat, staan in Doen en laten bij samen zorgen.
Loop je zelf ergens tegenaan in je team of organisatie? Stel je vraag. Een van ons leest hem en je krijgt binnen een week antwoord. Hebben anderen er ook iets aan, dan zetten we vraag en antwoord op de site, zonder namen en alleen als jij dat goed vindt. Vraagt het meer dan een antwoord, dan bellen we even.
Op de hoogte blijven?
Ontvang een e-mail bij elk nieuw artikel.
Je kunt je op elk moment uitschrijven via de link in de e-mail.
